GALTIER Expertises s.a

Home > Lexicon


Aangenomen waarde
Bedrijfsschade (vóór schade)
Bedrijfsschade (na schade)
Correcte waardebepaling
Evenredigheidsregel
Fair Value
Heropbouwwaarde
Liquidatiewaarde
Nieuwwaarde
Nieuwwaarde na aftrek van sleet
Staat van verlies
Venale waarde
Verzekeringswaarde
Wedersamenstellingswaarde
Werkelijke waarde

Aangenomen waarde : waarde die de verzekerde en de verzekeringsmaatschappij samen overeenkomen.

Bedrijfsschade (vóór schade) : een schadegeval ontslaat het bedrijf niet volledig van zijn lasten.
De loonkosten en de andere vaste kosten blijven lopen.
Vervolgens zullen er nog andere kosten moeten aangegaan worden om de activiteit weer op te starten.

GALTIER Expertises bepaalt de te waarborgen kapitalen, vestigt de aandacht van de verzekerde op de periode tot schadeloosstelling en biedt hulp bij de bepaling van de specifieke behoeften die moeten gedekt worden.

Bedrijfsschade (na schade) : verzekering waarvoor de verzekeraar de verzekerde waarborgt tegen de exploitatieverliezen die, tijdens de periode van schadeloosstelling, voortvloeien uit :

1.

de daling van de omzet.

2.

de stijging van de bedrijfskosten door een schadegeval dat de verzekerde goederen aantastte.

Deze verzekering wordt altijd gekoppeld aan een waarborg tegen materiele schade.

Doel van de verzekering is het bedrijfsresultaat te handhaven tijdens een welbepaalde periode, wanneer de activiteit deels of volledig werd onderbroken door een “materieel schadegeval” aan de verzekerde goederen.

Deze verzekering moet het verzekerde bedrijf snel weer in de financiële situatie brengen waarin het zich zou bevinden indien er zich geen schadegeval had voorgedaan.

Correcte waardebepaling : de staat van verlies dient als basis voor de onderhandeling met de expert van de maatschappij. De expert van de verzekerde legt deze voor op het ogenblik van de tegensprekelijke expertise. De staat wordt gecontroleerd bij het « afpunten ».
Daarna gaat de onderhandeling van start tussen beide experts die de staat van verlies
in perspectief zullen plaatsen ten opzichte van het verzekeringscontract (algemene en bijzondere voorwaarden). Uit deze correcte afweging zal de maximale waardebepaling
van alle elementen voortvloeien.

Evenredigheidsregel : Vermindering van de schadevergoeding indien de verzekerde kapitalen onvoldoende zijn of het risico niet correct werd aangegeven.
Er zijn dus twee soorten evenredigheidsregels.

1)

Evenredigheidsregel van de kapitalen : de verzekerde is verantwoordelijk voor de aangegeven waarde.
Als de verzekerde bedragen niet toereikend zijn, wordt het schadegeval slechts vergoed in verhouding tot de waarborg, zelfs als het bedrag van het verlies onder het verzekerde kapitaal ligt. Als de verzekerde daarentegen te veel verzekerd is zal hij geen hogere vergoeding ontvangen.

2)

Evenredigheidsregel van de premie : de verzekerde is verantwoordelijk voor de kenmerken van het te verzekeren goed. Als de beschrijving niet klopt of als men vergeet iets aan te geven, kan de betaalde premie onvoldoende zijn.
De sanctie is dan de evenredigheidsregel op de premievoet die had moeten toegepast worden, ongeacht of de schade volledig of gedeeltelijk is.

Fair Value : De “fair value“ of “afgeschreven vervangwaarde”  wordt ook wel de “economische gebruikswaarde” of  “marktwaarde” genoemd.

Ze wordt als volgt omschreven:
De in aanmerking te nemen waarde voor elk vast actief, dat overeenstemt met het bedrag dat een voorzichtig en bedachtzaam bedrijfsleider zou bereid zijn uit te geven om dit goed te verwerven, rekening houdend met het belang ervan voor de verwezenlijking van de bedrijfsdoelstelling.

Het is dus de reële waarde van een werkinstrument dat in exploitatie is en winst realiseert.

In het kader van de toepassing van de IAS (International Accounting Standards) / IFRS (International Financial Reporting Standards ) normen:
Wordt ze omschreven als (IAS 16 -Materiële vaste activa; 6 - definities):
- « De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld tussen ter zake goed geïnformeerde, tot een transactie bereid zijnde partijen die onafhankelijk zijn».

Met volgende nadere bepaling:
§ 31. « De reële waarde van fabrieksinstallaties is meestal hun marktwaarde, bepaald door een schatting.  Indien de marktwaarde niet aantoonbaar is vanwege de gespecialiseerde aard van de fabrieksinstallaties en omdat dergelijke installaties zelden worden verkocht, behalve als een deel van een actief bedrijf, worden ze gewaardeerd tegen hun afgeschreven vervangwaarde.

Heropbouwwaarde = nieuwwaarde (gebouwen).

Liquidatiewaarde = gedwongen verkoopwaarde.

Nieuwwaarde = heropbouwwaarde (gebouw) of wedersamenstellingswaarde (materieel en inhoud).

Nieuwaarde na aftrek van sleet = werkelijke waarde.

Staat van verlies : bij een schadegeval moet de verzekerde een uitvoerige en becijferde inventaris opstellen van zijn schade. De expert van de verzekerde zal dit dossier samenstellen, met een becijferde opsomming van alle beschadigde goederen.

Venale waarde : het gaat om de verkoopwaarde van een goed. Deze komt overeen met
de gemiddelde prijs die kan bekomen worden op een concurrerende en voldoende grote markt om een vergelijking mogelijk te maken met een vrij groot aantal vergelijkbare goederen, en waarop geen overdreven spanningen heersen (behoefte aan kapitaal, beperkte termijn,…).

Verzekeringswaarden :

1) Nieuwwaarde

  • GEBOUW
    De heropbouwwaarde : de heropbouw- of nieuwwaarde van een gebouw is het bedrag dat nodig is om het weer op te bouwen zoals het is op het ogenblik van de schatting. Deze kan enkel bepaald worden door de studie van de verschillende onderdelen waaruit het bestaat en waarop de geldende eenheidsprijzen worden toegepast.

  • MATERIEEL
    De wedersamenstellingswaarde : de verzekering van de nieuwwaarde van materieel behelst de aankoopprijs, BTW niet inbegrepen, op de datum van de expertise, verhoogd met de transport- en installatiekosten, alsook de douanekosten, als het gaat om materiaal van buitenlandse makelij.
    Voor oud materieel of voor materieel waarvan de fabricage werd stopgezet of opgeschort, bepalen wij, behoudens andersluidend advies, een conventionele waarde die wij « met nieuw gelijkgestelde waarde » noemen. Deze waarde wordt bekomen door een vergelijking met de nieuwwaarde van vergelijkbaar materieel volgens een modern ontwerp, dat courant wordt gefabriceerd en een zelfde rendement heeft, ofwel op basis van de laatste fabricageprijzen van het oud materieel, die worden bijgesteld om rekening te houden met de prijs-
    schommelingen sinds die periode en met een technologische minwaarde
    ten opzichte van het modern referentiematerieel.

    2) Werkelijke waarde of nieuwwaarde na aftrek van sleet

De sleet of vetusteit is de waardevermindering van een goed als gevolg van zijn gebruik en van het verstrijken van de tijd. Het gaat om een vermindering van de schadevergoeding, naargelang de ouderdom en de staat van het beschadigde goed. De sleet wordt bepaald tussen experten en of op grond van de bepalingen van het verzekeringscontract.

  • GEBOUW
    De nieuwwaarde na aftrek van de vetusteit van een gebouw is een conventionele waarde. Ze is het resultaat van het verschil tussen de nieuwwaarde en de sleet.
    De sleet heeft niets te maken met de technische of boekhoudkundige afschrijving.
    Ze houdt niet enkel verband met de leeftijd van het gebouw, maar ook en vooral met zijn staat van onderhoud.

  • MATERIEEL
    De nieuwwaarde na aftrek van de vetusteit is ook een conventionele waarde
    die op volgende principes berust : Volgens de algemene voorwaarden van de verzekeringspolissen, mag de verzekering geen winst opleveren voor de verzekerde; de vervanging van materieel met een zekere sleet door nieuw materieel moet een deel door de schadelijder gedragen worden, dit deel komt overeen met wat vetusteit genoemd wordt; deze vetusteit heeft niets te maken met de technische of boekhoud-kundige afschrijving, noch met een waarde op de tweedehandsmarkt.

Wedersamenstellingswaarde = nieuwwaarde (materieel en inboedel).

Werkelijke waarde = nieuwwaarde na aftrek van sleet (gebouwen, materieel en inboedel).